- Dilemmas
Dilemma's van een groeiende dansschool
Een dansschool die groeit moet met meerdere docenten werken. En, voor geoefende cursisten kan het inspirerend zijn zich te spiegelen aan docenten met verschillende stijlen, accenten en methoden. Daarachter schuilt een scala van tegenstrijdige belangen en daarmee ook aan potentiële conflicten. Een dansschool die zich wil onderscheiden met een eigen herkenbare aanpak en met een groep van goede tot uitstekende docenten, moet goed beslagen het ijs betreden. Succes en een zekere mate van eigengereidheid gaan hand in hand, bij goede dansschoolhouders, maar óók bij uitblinkende docenten. Zonder eigengereidheid zouden ze geen van beiden dát succes hebben. Een wat grotere dansschool zonder programma’s die op lesniveau in details zijn uitgewerkt, wordt de optelsom van wat de verschillende docenten ervan maken. Dan schommelt de herkenbaarheid van de dansschool op de golfjes van het komen en gaan van docenten en zal het gezicht van de dansschool als bij een kameleon mee verkleuren. Echter, maak je als dansschool de lesprogramma’s te strak dan wordt het een keurslijf waarin de vrijheid en de kracht van de individuele docenten worden gesmoord en ondermijnt de dansschool de eigen kracht. Het is als varen tussen Scilla en Charibdis.
Een sterke dansschool verschaft de docenten een platform waarop ze zich kunnen profileren en van waaruit ze hun contacten kunnen uitbreiden. Omgekeerd: uitblinkende docenten geven het podium van de dansschool de glans die nodig is om indruk te maken. Welke van de contacten die docenten direct of indirect via de dansschool leggen, horen bij het podium van de dansschool, en welke bij de glans die de docenten aan dat podium geven? Bovendien, de verhoudingen van dansscholen met docenten zijn min of meer fluïde, losse verbanden, waarvan de duur, op den duur, meer wordt bepaald door loyaliteit en goede verhoudingen dan door contracten met bindende en beperkende voorwaarden. Als een gevestigde dansschool zijn machtspositie gebruikt om docenten te strak in te pakken, dan keert dat zich vroeg of laat als een boemerang die de werper een kopje kleiner maakt. Laat de dansschool de teugels te ver vieren, dan verwatert de herkenbaarheid en komt het dansschoolbelang te ver in het geding.
Een goede dansschoolhouder moet een wijze man/vrouw zijn. Een goede docent ook. En toch óók eigenwijs. Maar zonder een eigen wijs, wordt je dan ooit echt wijs?
